Antwoorden

Methoden
  1. De functienaam, de argumenten, het retourtype en het methodelichaam.
  2. Void betekent "niets" . Het lege heelal heet the void. Het wordt gebruikt om aan te geven dat deze methode geen gegevems retour geeft.
  3. Met het return statement kan bij het retourtype void de methode op elk moment onderbroken worden. Als de methode een retourtype heeft dan wordt met het return statement de retourwaarde teruggeven.
  4. Het retourtype en het argumenttype zijn integer
  5. int plusTwee(int waarde) {
       return waarde+2;
    }
  6. double maximum (double a, double b, double c) {
       double temp = Math.max(a, b);
       return Math.max(temp, c):;
    }
  7. Het return statement ontbreekt
  8. Het returntype void ontbreekt
  9. Deze methode heeft wel een retourtype int , maar het return statement ontbreekt. Het laatste return statement wordt nooit bereikt en is dan ook overbodig.
  10. ciel(0.3); // is 1
    floor (3.6); // 3
    abs(-6.5); // 6.5